Surf naar

WeMedia

5 inzichten van een CCB-juryvoorzitter

Mijn juryleden slaagden erin om zowel analytisch, positief als wakker te blijven gedurende de hele rit. En het werk, zegt u? Wel, loop even mee door mijn bevindingen.

1. Reclamebureaus zitten gevangen in hun businessmodel

Vroeger liep het kringetje aardig. Je had adverteerders, media en reclamebureaus. Die hadden elkaar allemaal nodig om de consument te bombarderen met hun eenrichtingscommunicatie. Vandaag kunnen merken rechtstreeks contact nemen met hun publiek dankzij het internet. En ze doen dat uiteraard ook. Bovendien ontstaat er een dialoog tussen mens en merk. Maar de creaties die ik mocht beoordelen in mijn jury’s waren in veel gevallen het resultaat van reclamebureaus die krampachtig vasthielden aan het oude businessmodel. Te weinig digitaal en participatief ontworpen dus. Te veel concepten, te weinig service. Hoe lang nog houdbaar?

2. De goede zaak is sexy

Ofwel is het een collectieve aanval van Wiedergutmachung ofwel is er een oprechte interesse om de goede zaak communicatief te ondersteunen. Welke de reden ook is, het groter, bekender en aantrekkelijker maken van NGO’s en cultuurhuizen is altijd lovenswaardig. De beste ideeën waren te ontdekken in het werk voor dergelijke opdrachtgevers. Als mijn bullshitdetector uitgeschakeld is, durf ik het wel eens goodvertising noemen.

3. Creativiteit evolueert naar content, product en service

De nieuwe creatieve bedrijven schrijven verhalen, maken producten en creëren nieuwe services. Deze evolutie is nog pril, maar opvallend genoeg om te benoemen als het begin van iets nieuws. Vroeger floreerde creativiteit in reclameconcepten. Vandaag doet ze dat in storytelling en in de ontwikkeling van diensten en producten. Reclame heeft nooit dichterbij de natuurlijke biotoop van een magazine gestaan als vandaag. Of de uitgeverswereld tout court. Hier verwacht ik de komende jaren veel dynamiek. Benieuwd hoe magazines hun inhoud en publiek in plaats van hun bladspiegel zullen laten renderen.

4. Beoordelen we casefilms of creatieve ideeën?

Ik observeer en besluit: veel casefilms zijn beter gemaakt dan het werk dat ze documenteren. Minder ervaren collega’s hebben moeite om dwars door een geweldige casefilm over een slecht idee te kijken. We zouden een manier moeten vinden om opnieuw een idee te beoordelen in zijn meest pure vorm. En een casefilmfestival organiseren voor de rest.

5. Je moet niet ervaren zijn om goed te zijn

Jonge twintigers kunnen fantastische ideeën bedenken en worden daarvoor beloond en bekroond. Meer dan één oud-stagiair van mij viel in de prijzen op een leeftijd waarop ik daar zelf nog niet aan toe was. Ik vind het prima. Ervaring kun je verwerven. Talent niet.

Jorrit Hermans, Head of Story Quick Brown Foxes

Copyright: Jan Castermans

“Onze campagnes staan heel dicht bij het DNA van Humo”

De glorietocht van Humo was geen primeur. De titel lijkt wel een jaarabonnement te hebben op een resem CCB Awards. Wij gingen op zoek naar het mirakelrecept

12 (van de 87) awards voor 4 campagnes; ‘Het Mirakel van Humo’, ‘Prank-a-wanker soft porno starring Jeroom’, ‘Vrijdagswensen’ en ‘Made in China’ waren vorig weekend alomtegenwoordigin Knokke. De hoedjes werden bovendien verzameld in maar liefst 8 verschillende categorieën. Faut le faire.

‘Geen toeval’, weet Lisbeth Rillaerts. De Commercial Director van Humo verklaart: ‘Met de mediamix van onze campagnes volgen we het mediagedrag van de consumenten. Er is dus een belangrijke rol weggelegd voor digital, terwijl radio handig is voor onze wekelijks ritme en om de inhoud van het nieuwste nummer snel bekend te maken. Print gebruiken we voor imagodoeleinden, om iets uit te leggen en op te bouwen. Maar het is duidelijk dat multimediacampagnes het beste werken. Kijk maar naar ‘Het Mirakel van Humo’ of onze campagne rond gepersonaliseerde oordopjes die momenteel loopt.’

Wanneer we Lisbeth Rillaerts om een verklaring vragen waarom Humo het jaar na jaar goed doet op de CCB Awards, is dat volgens haar te danken aan het DNA van Humo. ‘Je kan net iets verder gaan dan bij een ander merk’, zegt ze. ‘En dat is leuk voor een reclamebureau, al geef ik graag toe dat we over het ideale reclamebureau voor dit soort werk beschikken. Daarnaast speelt ook mee dat de campagnes heel dicht bij het DNA van het blad staan: content en humor staan centraal.’

Humo neemt trouwens ook geregeld een adverteerder mee in een promotiecampagne, maar dat kan enkel als het Humo en de Humo-lezers ten goede komt. ‘Onze campagnes dienen om Humo te promoten’, besluit Lisbeth Rillaerts. ‘Wanneer we een adverteerder ‘meenemen’, zal dat op een Humo-manier gebeuren. Vaak is dat trouwens net de reden voor een adverteerder om naar Humo te stappen.’

Klik HIER om alle winnende Humo-campagnes te bekijken.

 

Looking for more articles about HUMO?

Soms kan papier gewoon meer