Surf naar

WeMedia
Food Brand Trust logo

Mediamerken herstellen vertrouwen in voedingsmerken

Veel merken in de voedingssector hebben het vertrouwen van hun klanten verloren de afgelopen jaren. Mediamerken kunnen hen helpen hun authenticiteit terug op te bouwen, zo blijkt uit nieuw Frans onderzoek in het kader van het Food Brand Trust project van de drie grootste uitgevers uit het land. Magazinemerken blijken een serieuze impact op de betrouwbaarheid en legitimiteit van merken te hebben, doordat ze een gevoel van nabijheid creëren en zowel imago als aankoopbereidheid beïnvloeden.

Food+Brand+Trust

Juist de food brands hebben sterke behoefte aan opwaardering in het hoofd en hart van consumenten in de actualiteit van schandalen en ophef over de herkomst van voeding. Mensen zijn bewuster bezig met de samenstelling en productiemethoden van hun voedingsproducten en op zoek naar transparantie. Merknamen spelen een veel minder belangrijke rol in het keuzeproces dan vroeger.

Het project Food Brand Trust bestaat uit analyse enerzijds (m.b.v. Ipsos) en het vinden van concrete oplossingen voor merken anderzijds. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van video-interviewing, waarbij consumenten de inhoud van hun boodschappenmandje bespreken. Smaak, prijs en kwaliteit zijn de belangrijkste keuzecriteria. Een op drie ondervraagden laat het merk volledig buiten beschouwing en zoekt een gezonder en ethischer alternatief, waarbij ze op basis van prijs vaker uitkomen bij de eigen merken van retailers. Conclusie is dat voor foodmerken het creëren van (hernieuwd) vertrouwen en herbevestiging van hun waarden momenteel de belangrijkste opdrachten zijn.

Om de rol van media hierbij in kaart te brengen, onderzocht Ipsos 4.000 ervaringen met reclame in TV, print en digitaal. Om vertrouwen op te bouwen moet een merk op 4 pijlers werken:

  1. Kwaliteitsperceptie
  2. Nabijheid
  3. Relevantie
  4. Aanbeveling

Persmerken kunnen deze pijlers activeren, vooral wanneer print en digital gecombineerd worden. De redactionele omgeving boost namelijk het vertrouwen van consumenten t.o.v. de geadverteerde merken, vergroot het gevoel van vertrouwd zijn of nabijheid en de relevantie. Televisie blijkt vooral een positieve invloed te hebben op aanbeveling en is even sterk als persmerken als het gaat om verhogen van kwaliteitsperceptie. De combinatie van deze factoren creëert vertrouwen en merkvoorkeur op het moment van aankoop. Een printcampagne in combinatie met televisie of digitaal heeft het sterkste effect: +5-7 punten aankoopintentie.

Voor foodmerken is de context van vertrouwde persmerken dus een kans om het vertrouwen van consumenten terug op te bouwen en hen opnieuw te overtuigen.

Food Brand Trust logo

Bron: www.foodbrandtrust.com/

 

Lees ook:

Belgie

Belgen zijn traditionele mediaconsumenten

De manier waarop Belgen zichzelf informeren is behoorlijk traditioneel in vergelijking met andere landen in de wereld. Dat kunnen we afleiden uit de studie “Digital News Report 2016” van Reuters. Het gebruik van sociale media voor nieuwsgaring blijft achter bij de meeste andere landen (in totaal waren er 26) in het onderzoek, alsook de populariteit van mobiele apparaten t.o.v. desktopcomputers.

Slechts 46% van de Belgen informeert zich onder andere via sociale media, met Facebook op kop. Radio en pers bevinden zich op hetzelfde niveau en televisie gaat met 75% aan kop. Vergeleken met de andere 25 landen die werden onderzocht (ruim 50.000 respondenten) is dat een zeer traditioneel mediaprofiel: gemiddeld gebruikt 51% sociale media.

Doordat geen van de grote internationale ‘pure players’ de Belgische markt betreden hebben, blijven de traditionele nieuwsmerken (tv en pers) een sterke positie behouden. Wellicht is daar ook een verklaring te vinden voor het blijvend hoge vertrouwen van de Belgen in informatiebronnen en nieuwsmerken. Dat ligt namelijk 10 punten hoger dan gemiddeld (inclusief de jongste leeftijdsgroepen).

Video is in België nog niet zo’n populaire vorm van nieuwsconsumptie in vergelijking met de andere landen. Over het algemeen groeit videoconsumptie in de hele wereld trouwens veel minder snel dan verwacht.

Ook als het gaat om betalen voor digitale informatie (12%) en gebruik van ad blockers (25%), lopen Belgen niet voorop, hoewel het percentage van dat laatste element bij de jongste leeftijdsgroep (18-24 jr) al bijna dubbel zo hoog is.

Enkele cijfers over social mediagebruik in België (Global WebIndex):

  • De tijd die Belgen aan sociale media besteden is afgelopen jaar niet gegroeid. Gemiddeld ligt dit op 1,24 uur per dag. In de andere landen is dit gemiddeld 1,85 uur
  • 16-64 jarigen zijn actief op 4,4 sociale media. Globaal is dat 6,8.
  • 89% is op minstens 1 social mediaplatform aanwezig.
  • Facebook blijft met een aandeel van 80% het voorkeursmedium. Dat is wereldwijd ook zo. Het gebruik van de andere media, zoals YouTube, Twitter, Whatsapp en Instagram blijft echter sterk achter.
  • Engagement en contributie in de afgelopen maand (zelfverklaard) is het hoogste op Facebook, YouTube en LinkedIn.
  • Passief netwerken is in België belangrijker dan in de andere landen. De drie belangrijkste redenen voor social mediagebruik zijn dan ook: in contact blijven met vrienden (44%), tijdverdrijf (40%), op de hoogte blijven van actualiteit of events (31%).

Bron : Xavier Degraux 1, Xavier Degraux 2