Surf naar

WeMedia

De 6 meest opvallende magazinestudies van 2015

2015 was voor magazine mediaspecialisten een mooi jaar. Heel wat studies toonden de sterkten van het medium aan. Onze top 6!

1. Print Campaign Analysis (Millward Brown)

Millward Brown analyseerde in het Verenigd Koninkrijk meer dan 1000 impactstudies en kwam tot de conclusie dat print het beste scoort op ” overtuigingsmetrics” als merkvoorkeur en aankoopintentie. Ook in combinatie met tv en online voegt print meer dan haar deel toe.

Lees meer HIER.

2. Moments that Matter (PPA/Magnetic)

Onze Britse tegenhanger PPA/Magnetic voerde een onderzoek naar de band tussen lezers en mediaconsumptie en dat bij maar liefst 15.000 magazineconsumenten. ‘Moments that matter’ toont aan dat magazines vooral erg goed zijn in het creëren van ‘aangename beloning’- en ‘nuttige informatie’-momenten voor consumenten.

Lees meer HIER.

Ontdek de ‘rules of attraction’.

3. Pulsar 2.a (Space)

“ TV en magazines zijn misschien wel de advertentiemedia bij uitstek.” Een opmerkelijke conclusie van Bernard Cools, Deputy General Manager van Space. Hij baseerde zich hiervoor op de nieuwe eigen studie Pulsar 2.a.

Lees meer HIER.

4. Q-factor (Condé Nast)

Niet alleen het aantal consumenten dat beïnvloed wordt door reclame is belangrijk, vooral hoe ze beïnvloed worden. Dat was het uitgangspunt van een studie van Condé Nast in Spanje. De magazine-uitgever kwam tot de Q-factor, die aangeeft wat de kwaliteit van reclame-impact is.

Lees meer HIER.

5. Magazines – real connections (Nielsen)

Door real-time wekelijkse data over magazinecontacten in mediamix-modellen te stoppen, komt de ware effectiviteit van magazines bovendrijven. Dat toonde Nielsen aan in het kader van een econometrische studie in Australië.

Lees meer HIER.

6. Belgen, mobiliteit en media (Newspapers Work/NewsWorks)

Magazine-advertenties zijn geloofwaardig en informatief; ze wekken het meeste vertrouwen en het minste irritatie op vergeleken met andere media. Dat bleek uit een studie naar de autosector in ons land. Volgens de Belgische consument zijn magazines zelfs de meest objectieve informatiebron over auto’s.

Lees meer HIER.

Kaderledenstudie: magazines scoren in een professionele context

TNS Media maakte eind maart de resultaten van de tweejaarlijkse Kaderledenstudie bekend. Die levert opnieuw een schat aan informatie over het professionele gebruik van media. Magazines scoren opvallend goed.

Zo maakt op een gemiddelde dag 77% van de kaderleden gebruik van magazines in een professionele context. Magazines doen het daarmee beter dan radio (41%), tv (46%) én kranten (76%). Enkel websites worden door een nog hoger aandeel van de respondenten dagelijks professioneel geconsulteerd.

78% van de respondenten vindt magazines ‘eerder nuttig’ of ‘zeer nuttig’. Met deze score moeten ze enkel tv (91%) en kranten (81%) voor zich dulden. Magazines worden daarbij geapprecieerd/gebruikt om de markt te volgen, om op de hoogte te blijven van de activiteiten en plannen van de concurrentie, om informatie te krijgen over nuttige goederen of diensten en voor reclame. 36% van de respondenten geeft dit aan. Enkel internet haalt (misschien wat bizar) een hogere score (46%). Wanneer we de resultaten per sector nader bekijken, springen vooral de autosector, financiële diensten, gastronomie, deco, mode, multimedia en reizen eruit.

Nog een opvallende uitsmijter: magazines worden (nogmaals: in een professionele context) de hele dag door geconsulteerd en geconsumeerd. Zelfs tussen 6 en 9 u. ’s ochtends maakt 10 % van de respondenten er gebruik van. Net als in een B2C-context zien we ook hier het bereik ’s avonds (in dit geval na 18 u.) de hoogte ingaan.

Zin om er meer over te lezen? Klik dan HIER.

CIM Persbereik: de resultaten van Golf 2

Op 18 maart 2014 publiceerde het CIM de tweede golf van zijn persbereikstudie ‘new style’. Voortaan verschijnt de studie halfjaarlijks. Het weerhoudt de specifieke magazinetitels van de Febelmag-uitgevers er alleszins niet van relatief stand te houden, in tegenstelling tot andere media.

 

Het is intussen bekend: in september 2013 trad de CIM-Bereikstudie een nieuw tijdperk binnen. Het papieren bereik wordt nog steeds gemeten (Print), maar aangevuld met het digitaal bereik via een app of pdf (Print + Digital) en zelfs het websitebezoek (Total Brand). Alle leesmomenten worden voortaan geregistreerd en dat biedt qua data ook een vooruitgang voor de magazinepers.

 

Golf 2 van editie 2012-2013 (field van 1/12/12 tot 30/11/13, 10.115 enquêtes) overlapt dus een half jaar met de resultaten van de eerste golf van september 2013. En dan blijkt – ondanks een moeilijke mediamarkt – de magazinemarkt een behoorlijk resultaat te boeken. Wanneer we de titels van de Febelmag-leden samentellen compenseert de progressie in ‘Total Brand’-bereik in het algemeen het licht verlies in het printbereik. De weekbladen kennen een uplift van zo’n 1% van papier naar digitaal, maar quasi 3% in ‘Total Brand’. De beste scores worden opgetekend door de tweewekelijkse magazines met een uplift van 8% van puur Print naar Print+Digital terwijl de maandbladen van 1% in digitale lift-up tot 8% in Total Brand registreren.

 

“Je merkt duidelijk een stagnering in het printbereik”, geeft Bernard Cools mee. De deputy general manager van Space voegt er meteen aan toe dat de groei in het digitale zit, al gaat die niet voor elke titel even snel. Hij besluit: “Magazines zijn nog steeds nuttig, tot zelfs onontbeerlijk in een mediaplan, maar deze golf leert ons dat ook zij als mediabrands moeten bekeken worden.”

 

Voor de publicatie van de volgende resultaten is het wachten tot september 2014. Dan pas wordt effectief vergelijken tussen twee jaren voor dezelfde periode mogelijk.

 

We geven tot slot nog mee dat het bereik slechts een van de parameters is om het belang van de magazinepers in een mediaplan te evalueren. Ook de kwaliteit van het contact moet in rekening gebracht worden. Het effect van reclame wordt immers sterk beïnvloed [Sanoma Engagement-studie] door de gehechtheid en de intensiteit van de mediabeleving.

Research: Media brand leverage bestaat!


“Is het nauwkeurig kwantificeren van elk vluchtig contact met alle media echt het allerbelangrijkste?”

 

Een opmerkelijke uitspraak, des te meer omdat ze viel op te tekenen uit de mond van Jan Drijvers. De client service manager van TNS en levende researchlegende voegde eraan toe dat het in tijden van haast totale kwantificatie dringend tijd is om de focus te verleggen naar de aard van de contacten “die uiteindelijk het verschil maken.” En dat is precies wat de Engagement-studie van Sanoma, Pebble Media, Space en TNS beoogt. De magazines varen er wel bij.

 

De gehechtheid en de intensiteit van de beleving van een mediamerk meten en nagaan of de liefde tussen een mediamerk en zijn consumenten ook adverteerders ten goede komt. Dat was de dubbele uitdaging waar de protagonisten (Pebble Media had zijn karretje nog niet aangehaakt) in 2012 mee starten. Nagaan of ‘media brand leverage’ bestaat, dat wilde deze studie doen.

 

En het resultaat is positief; meer dan positief zelfs. Niet alleen is er een band tussen media engagement en de impact van advertenties in dat medium; hoe meer dat engagement er is, hoe hoger de impact. Vooral het bieden van een natuurlijke habitat voor reclame, speelt daarbij een cruciale rol.

 

7 magazinemerken in de top 20

 

Magazines blijken duidelijk aan deze voorwaarden te voldoen. In de Media Engagement-top 20 in het noorden van het land vinden we immers zeven magazinemerken terug, zowel week- als maandbladen. In het zuiden van het land doen magazines het zelfs nog beter met acht merken in de top 20. Twee maandbladen bezetten er de eerste twee plaatsen.

 

Vermits in eind 2013 de tweede golf uitkwam (met maar liefst 8000 respondenten tegenover 3000 bij Golf 1), is vergelijken mogelijk. Enerzijds zorgt dit voor een aantal variaties, anderzijds is er de conclusie dat aan de top van de rangschikkingen bitter weinig wijzigt. Met een goed mediamerk als partner zit je als adverteerder dus wel even safe.

 


Research: Magonomics


Studie bewijst: Reclame hoogste ROI in magazines! 

– 11% – Zo veel brengt een geïnvesteerde euro in het medium magazines meer op dan een euro die in een tv-campagne gestopt wordt. Het verschil met de ROI van online campagnes bedraagt zelfs 22%. Andere media hinken nog meer achterop.

 

Deze cijfers komen uit het Magonomics-onderzoek van PPA, de Britse tegenhanger van Febelmag. Magonomics is de bundeling van vier onderzoeken die blootleggen hoe magazineadvertenties consumentengedrag beïnvloeden en tot aankoop leiden. Magonomics analyseerde voor de ROI-vergelijking in totaal 77 campagnes.

Gemiddeld bedraagt de ROI van magazines 167 (in vergelijking tot een mediaan van 100). Bij het tweede best scorende medium – televisie – is dat 150, terwijl bijvoorbeeld bioscoop of radio met een ROI-index onder de 100 moeten stellen.  

De impact van magazines kan in econometrische studies pas optimaal gemeten worden als aan volgende voorwaarden zijn voldaan: magazines moeten apart gemeten worden en niet samen met kranten, er moet gebruik gemaakt worden van in de tijd geaccumuleerde data en magazines moeten in de mediamix goed zijn voor minstens 5% van de bestedingen.

Magazines danken deze goede score aan het feit dat bij een campagne steevast te weinig geïnvesteerd wordt in magazines om het maximum van mogelijke ROI te bereiken. Pas bij verdubbelde budgetten daalt de ROI tot het niveau van televisie.

Magazines, duidelijk een onderschat medium…