Surf naar

WeMedia
Banner illustration Digiday

GAFA: wanneer krijgen ze de rekening gepresenteerd?

De grote digitale spelers onttrekken zoveel reclamegeld aan de markt (80-90%) dat er voor andere partijen (te) weinig overblijft om van te bestaan. Nu de nieuwe richtlijn voor auteursrecht door de EU is weggestemd (lees dit artikel hierover), moeten uitgevers nog wat langer toezien hoe Facebook en Google blijven ontkennen dat ze uitgevers zijn, onderwijl content van derden te gelde makend. Wat is de invloed op de rijkdom en diversiteit van ons medialandschap? Met die vraag komt een andere, nog fundamentelere discussie ter tafel: het belang van media voor onze maatschappij en voor de democratie.

Read this: Facebook is hitting publishers where it hurts: here’s what you can do

Goede journalistiek moet de vierde macht zijn, maar die kwaliteit kost geld, iets dat in de huidige markt onvoldoende door het advertentiemodel  gegenereerd kan worden. Bovendien moeten mensen de media dan ook nog vertrouwen en dat vertrouwen wordt door alle problemen met sociale media zeer sterk op de proef gesteld.

Bedreiging voor de democratie

De Edelman Trust Barometer 2017 toont aan dat zowel het vertrouwen in sociale media als in de mening van andere mensen wereldwijd een dieptepunt bereikt. Mensen stellen hun vertrouwen gelukkig wel meer in traditionele media en journalisten, zoals eind vorig jaar overigens ook al uit het Kantar onderzoek “Trust in News” bleek.

The Economist noemde sociale media zelfs een mogelijke bedreiging voor onze liberale democratie. De enorme invloed die de platformen hebben, de psychologie erachter en de verslavende werking ervan, maken het tot een instrument, een wapen misschien zelfs, in de internationale politiek. Het meest prominente voorbeeld is de inmenging in de Amerikaanse verkiezingen. Geen wonder dat de Sillicon Valley-bazen hun kinderen niet op sociale media laten.

Lees ook: ‘Fake news’ is goed nieuws voor vertrouwen in traditionele media

Voor magazine-uitgevers lijkt de dominantie van de duopolie Facebook-Google de zoektocht naar andere inkomsten noodgedwongen in een stroomversnelling te brengen. Maar ze zitten in een lastig parket. Zoals Jeff Jarvis het uitdrukte: aan de ene kant een brandend huis, dat van print, waar de uitgevers nog in moeten wonen (lees: hun belangrijkste inkomstenbron). Aan de andere kant een huis dat nog in aanbouw is, dat van digitaal (met onvoldoende inkomsten). Waarin moeten ze investeren? Wat gaat op de lange termijn het voortbestaan verzekeren?

Zuckerbergs zwaard

Van de kant van Facebook hoeven uitgevers op dit moment geen steun te verwachten. Als reactie op alle fake news en veiligheidsproblemen heeft het platform in januari een aantal maatregelen doorgevoerd, die de media op verschillende manieren hard treffen. Door het algoritme te wijzigen zullen Facebookgebruikers wereldwijd namelijk veel minder posts te zien krijgen van media en merken. Posts van vrienden krijgen voorrang, volgens Mark Zuckerberg, om de gebruikservaring te verbeteren: ‘meer relevante content en betekenisvollere sociale interacties’. Mensen zullen minder, maar waardevollere tijd op Facebook besteden.

Daarnaast heeft de CEO van ’s werelds grootste sociale medium aangekondigd te gaan onderzoeken welke bronnen betrouwbaar zijn door de gebruikers ernaar te vragen. En dat terwijl 62% van de mensen aangeeft het verschil niet te zien tussen betrouwbare journalistiek en fake news (Edelman). Wie gaat trouwens de objectiviteit van de gebruikers beoordelen? Facebook wil blijkbaar externe experts buiten de deur houden (i.t.t. Google en Twitter).

“We have to ask ourselves; do we want Facebook (users) to be arbiters of truth?”

zei Rachel Botsman tijdens een World Economic Forum panel in Davos.

Zoals vakvereniging VDZ in Duitsland het uitdrukt: met een pennestreek ontzegt Zuckerberg uitgevers (en merken) het vrije toegangsrecht op een marktdominant platform met 2,07 miljard leden (waarvan meer dan 7 miljoen in België).

Kwetsbaardere uitgevers

Een onbedoeld negatief effect van deze ingrepen zou kunnen zijn dat het uitgevers kwetsbaarder maakt voor ad fraude, juist datgene wat alle partijen graag willen voorkomen. Met name kleinere uitgevers en degenen die sterk afhankelijk zijn van hun community (en organisch bereik) en doorverwijzingen van sociale media worden bedreigd in hun voortbestaan door de maatregelen. Sommige titels hebben hierdoor te maken met een engagementdaling van 60-80%.

Lees ook: Group M: adverteerders hebben magazines zwaar ondergewaardeerd

De verleiding om zogenaamde ‘traffic resellers’ in te schakelen die het verlies van zichtbaarheid en clicks compenseren wordt dan te groot, zeggen sommige experts. Over het algemeen gaat het daarbij namelijk om goedkope traffic van slechte kwaliteit. Zo lang hoge aantallen page views en clicks nog de enige of belangrijkste maatstaven zijn voor succes en daaraan gekoppelde inkomsten, blijft dit probleem bestaan.

Zijn uitgevers te afhankelijk van Facebook?

Overigens was er ook in 2017 al een duidelijk negatieve trend in de relatie tussen Facebook en uitgevers, minder dramatisch gebracht en daardoor ook minder opvallend. Maar door veranderingen in het Facebook-algoritme ten voordele van user generated content, daalde voor uitgevers het aandeel doorverwijzingen (referral rates) van Facebook afgelopen jaar al van 40% naar 26% (meer toelichting hier). Google steeg van 34% naar 44%. En Buzzfeed meldt dat ook Twitter zich een steeds belangrijkere rol voor uitgevers toe-eigent.

De grote vraag is of uitgevers te afhankelijk geworden zijn van Facebook. Dit is wellicht het moment om de focus te verleggen naar inkomsten uit de lezersmarkt en businessmodellen zonder (veel) advertentie-inkomsten. Nieuwe technologie zal op relatief korte termijn steeds meer mogelijk maken op dit gebied. De afgelopen jaren zijn uitgevers geobsedeerd geweest met het volgen van hun publiek naar nieuwe platformen en uitvinden hoe hen daar opnieuw te bereiken. Misschien zijn ze in de jacht op likes en clicks hun echte fans, die voor kwaliteit en voeding van hun passie willen betalen, zelfs een beetje uit het oog verloren?

Lees ook: Als reclame overbodig wordt…

Of schiet Facebook zijn doel voorbij?

Hoe afhankelijk is Facebook van de media? Schiet het zichzelf in de voet met dit algoritme door gebruikers minder kwaliteitscontent te brengen? De Zwitserse uitgever van Le Temps zei onlangs: “Facebook zal dit jaar extra inspanningen moeten leveren om kwaliteitscontent te valoriseren in zijn algoritmes. Daarvoor heeft de internet-mogol de media hard nodig, want adverteerders zijn niet bereid om veel geld te betalen voor Facebook-aanwezigheid om vervolgens in een ongunstige of schadelijke omgeving terecht te komen van fake news, animated gifs en kattenvideo’s. Dus hebben ze ons nodig en dat beginnen ze te beseffen.”

Voorlopig is daar echter weinig van te merken. We zullen moeten afwachten hoe Facebook-gebruikers reageren op het nieuwe algoritme en het ontbreken van journalistiek in hun newsfeed. In de tussentijd beschouwen magazine-uitgevers het hernieuwde vertrouwen van het publiek beter als een teken dat ze met betaalde kwaliteitscontent de juiste weg zijn ingeslagen.

Bronnen: Digiday, FIPP, WARC, The Guardian, VDZ, www.inaglobal.fr

Gerelateerde artikels:

Graph Social Network share of total magazine media

Meer engagement voor magazinemerken op sociale media

Magazinemerken blijken op 3 van de 4 sociale medianetwerken veel meer ‘engagement’ te genereren bij het publiek dan niet-magazinemerken: Facebook, Instagram en Pinterest. Dat is de conclusie uit het laatste Social Media Report (Q3 2017) van Magazine Media 360° in Amerika, waarin voor het eerst engagement op merkniveau werd opgenomen door de relatie tussen publieksreacties en content te meten. Magazine mediamerken zijn belangrijke social media influencer, zo blijkt ook uit nieuwe Nederlandse engagement-scores.

MPA, The Association of Magazine Media, doet sinds 2014 continu onderzoek (met maandelijkse rapportage) binnen het Magazine Media 360°-project naar magazinebereik op alle mediaplatformen. Onlangs rapporteerde MPA voor de 29ste maand op rij een stijgende interesse in magazinecontent en sinds het derde kwartaal wordt ook een engagementscore gerapporteerd. Op hetzelfde moment komt ook MMA in Nederland met engagementdata in hun Social Media Monitor.

Magazinemerken doen het in vergelijking met niet-magazinemerken vooral erg goed op Instagram en Facebook, waar bovendien de meeste acties plaatsvinden. Ook op Pinterest winnen magazinemerken het. Op Twitter zijn ze evenwaardig aan niet-magazinemerken.

De nieuwe ‘Social Media Engagement Factor’ bevestigt de band tussen magazine mediamerken en consumenten op sociale media en zet hen in de Verenigde Staten neer als vitale bereiksmedia, aldus MPA-president en CEO Linda Thomas Brooks. “We hebben bewezen dat magazines een enorm bereik hebben en nu kunnen we ook nog eens aantonen dat deze merken ook meer invloed hebben dan niet-magazinemerken op social media.”

Top 10 per netwerk

Table top 10 per platform

“Social media engagement varieert nogal per netwerk, content categorie en magazinemerk. Wat magazinemerken beter doen dan andere merken is de specifieke eigenschappen van elk netwerk benutten door content te maken die juist daarbinnen het best presteert. Dat maakt de band met hun publiek sterker en het is ook de kracht van magazine media in het algemeen,” aldus de research director van MPA.

Voor Nederland blijven de engagementcijfers voorlopig beperkt tot Facebook en Instagram. Interessant in deze cijfers is dat vooral special interestmagazines, jongeren- en opiniebladen een hoge engagementscore halen, maar ook Plus Magazine vinden we terug in de top 15 van Facebook!

De Social Media Engagement Factor maakt het voor uitgevers eenvoudiger om hun social media effectiviteit inzichtelijk te maken met degelijke cijfers die als een standaard kunnen fungeren. De factor wordt berekend door het aantal acties (likes, comments, favorites, retweets, repins, sharing, etc.) te vergelijken met het aantal posts (IPM-score = Interactions Per 1.000 Fans/Followers). Hieruit ontstaat een gemiddelde voor elk (niet-) magazinemerk op de vier sociale netwerken dat onderling vergelijkbaar is.

Bron: MPA

Meer over dit onderwerp:

MMA Social Media Monitor icon

Social media: elk onderwerp zijn platform

Home & Deco bladen doen het goed op Instagram en Pinterest. Automotive magazines zijn erg actief op YouTube. Voor nieuwsmagazines blijkt Twitter het belangrijkste platform. Dit zijn resultaten uit de Social Media Monitor die onlangs door onze collega’s van Magazine Media Associatie (MMA) in Nederland  is gelanceerd.

Wanneer over alle magazinemerken gekeken wordt, blijkt Facebook met een aandeel van 54,7% (niet onverwacht) het grootste platform in Nederland.  Op enige afstand gevolgd door Twitter met een aandeel van 20,4% en Instagram met 15,9%. Maar de verschillen per type magazine zijn dus groot. Ieder social media platform heeft zijn specifieke sterktes en bijpassende functies (zie ook: ).

De data is gebaseerd op de likes/followers van zo’n 100 magazinemerken. De MMA Social Media Monitor geeft inzicht in de prestaties van magazinemerken op sociale media. De 6 belangrijkste sociale netwerken – Facebook, Twitter, Instagram, Google+, Pinterest, YouTube – zijn in de monitor meegenomen.

Top 10 magazinemerken per sociaal netwerk
Met de Social Media Monitor treedt MMA in de voetsporen van de Amerikaanse (MPA) en Spaanse (ARI) magazine media associaties, die ook een Social Media Report uitbrengen. Daarmee lopen deze magazinefederaties vooruit op alle mediabereiksmetingen, waar vooralsnog de focus ligt op het meten van print + digitale edities + websites. Aangezien sociale netwerken een steeds belangrijkere rol spelen in de contentstrategie van magazinemerken én in het leven van de lezers, is het een logische stap om ook de aanwezigheid van magazines op sociale media nu in kaart te brengen.

De monitor geeft inzicht in het totaal aantal likes/followers van magazine merken per kanaal en het aandeel van elk sociaal netwerk binnen de magazine media branche. Tevens wordt een top 25 samengesteld van magazine merken met het hoogste aantal likes/followers en een top 10 per kanaal. Daarnaast geeft de monitor ook inzicht in welke magazinecategorieën op welke kanalen het grootst zijn. De MMA Social Media Monitor zal elk kwartaal verschijnen. Zo worden ontwikkelingen en verschuivingen markt-breed zichtbaar.

Meer informatie:

 

 

22 tweetable truths about magazine media

We kunnen er lang en breed over praten, over magazine media, bedoelen we. Want er is zoveel te vertellen over de ontwikkeling van sterke magazinemerken in het mobiele tijdperk. Maar we zouden veel liever kort en krachtig zijn, zoals onze Amerikaanse collega’s met hun ‘22 tweetbare waarheden over magazine media’.

Enkele voorbeelden:

  • Magazine media’s gross audience grew over 10% in Q1 2015 vs. 2014
    Source: Magazine Media 360° Brand Audience Report
  • 91% of U.S. adults read print magazines
    Source: GfK MRI Fall 2014
  • Purchase influencers value and welcome magazine media ads more than ads on TV
    Source: Experian, Simmons Multi-Media Engagement Study, Spring 2014
  • Want real primetime? The top 25 print magazines reach more adults & teens than the top 25 primetime TV shows
    Source: Carat Insight/Nielsen, September 2013-March 2014
  • Brands achieve higher brand favorability & purchase intent in print magazine ads than they do online or on TV
    Source: InsightExpress 2014

In bijlage alle 22 tweetbare waarheden.

“Het is altijd inspirerend om het magazine media verhaal aan de hand van cijfers verteld te zien,” zegt MPA’s president en CEO Mary Berner, “vooral nu we een groeiend publiek, inclusief de meest interessante doelgroepen, bereiken met onze vertrouwde en gewaardeerde content via nieuwe platformen en formaten.”

De MPA lanceerde deze twittercampagne naar aanleiding van de uitgave van hun Magazine Media Factbook, editie 2015, waarin een overzicht wordt gegeven van recent onderzoek en ander bewijs voor de kracht van magazine media. Sinds 2014 publiceert de MPA geintegreerde bereikcijfers van magazinemerken, inclusief mobiele platforms  als smartphones en tablets. Dat veranderde het aanzien van magazine media in de Verenigde Staten in zeer positieve zin (lees hier de reactie van een grote adverteerder).

Meer info hier