Surf naar

WeMedia
Vogue Portugal cover

Uncovered: Vogue’s Corona cover

Fantastische covers weten in een fractie van een seconde een emotionele impact op te roepen. De beste covers zijn sociale documenten met unieke achterliggende verhalen. Op deze website brengen wij regelmatig opvallende magazinecovers en hun verhalen de komende tijd onder de aandacht. Deze keer: Vogue Portugal in Coronacrisis.

“The great covers […are] most of all, a cultural moment [..] distilled to its essence”
Anne Fulenwider, chef content officer bij Hearst

We zitten middenin een historische gebeurtenis, iets wat ons allemaal raakt en bezighoudt. Is het een goed idee om daar als medium op in te spelen? Dat hangt er nogal vanaf hoe je dat doet, zo blijkt uit ervaring (lees hier meer).

De lezers van Vogue Portugal vinden deze opvallende cover van hun favoriete fashionmagazine geen onverdeeld succes, zo blijkt uit de commentaren.

Vogue Portugal cover

Lees ook: Euh…. woke washing?


Wat vind u ervan?

Is deze cover van Vogue Portugal geniaal of ongepast?

View Results

Loading ... Loading ...

Gerelateerde artikels: 

 

The New Yorker, Vogue and Wired covers

Magazines, print voorbij: hoe Condé Nast magazines vertaalt in video

Condé Nast zet vijf eigen studio’s op voor de magazinemerken GQ, The New Yorker, Vanity Fair, Vogue en Wired. Het doel is om in een vroeg stadium toegang te krijgen tot artikelen die deze merken produceren. Dat geeft de entertainmenttak van het bedrijf de mogelijkheid daar projecten rond te ontwikkelen. Magazines beyond print oftwel print voorbij!

Lees ook: Belgische uitgevers inspireren zich op hun buitenlandse collega’s

De media van magazine media

Zes jaar geleden startte The Ppress (nu WE MEDIA) het initiatief Magazine Media, met als doel om de waarde en merites van het medium beter voor het voetlicht te brengen. Met name bij adverteerders, media- en reclamebureaus. We kozen niet voor niets voor de toevoeging ‘media’: magazinemerken zijn namelijk zoveel meer dan een papieren ‘boekske’. In deze nieuwe reeks artikels laten we de mooiste nationale en internationale voorbeelden hiervan zien.

Films op basis van magazine-artikels

Door eigen studio’s op te richten en die dicht op de huid van de Condé Nast-redacties te plaatsen, kunnen onderwerpen als een totaalconcept gebracht worden. In het verleden kreeg CNE (Condé Nast Entertainment) pas vrij laat in de funnel, vaak na publicatie in print of online, toegang tot de content en werkte dan met externe partijen. Een voorbeeld van zo’n project is de film ‘Only the Brave’, gebaseerd op het GQ-artikel ‘No Exit’.

GQ 'No Exit' Group image

De nieuwe werkwijze maakt video veel meer tot een integraal onderdeel van de projecten. Studio-hoofden werken nauw samen met de redacties, waardoor men opportuniteiten vaker en eerder spot. Zoals een podcast-serie en een show die tegelijk met het artikel het licht zien, waardoor de magazinelezers/-kijkers/-luisteraars via verschillende kanalen en zintuigen het verhaal in trekken.

Magazinemerken als krachtige basis

Een ander voordeel is dat de klinkende merknamen van de magazines het voor CNE gemakkelijker maken om deals te maken met de televisienetwerken. Tot nu toe werkte het bedrijf als productiehuis meer onafhankelijk van de titels. Elke studio is aan 1 merk gekoppeld, waardoor onmiddellijk een zeer duidelijk merk-DNA ontstaat.

Uiteraard heeft Condé Nast veel schaalvoordelen die onze lokale uitgevers ontberen. De VS is al een gigantische markt en bovendien kunnen Engelstalige media gemakkelijk landsgrenzen overschrijden. Zou zoiets ook in België mogelijk zijn? We hebben al pogingen in deze richting gezien met libelleTV en in Nederland (evenveel inwoners als New York) doet Linda. TV het erg goed.

Bovendien zijn onze mediabedrijven inmiddels zo multimediaal, dat een vergelijkbare constructie niet ondenkbaar is. Het vergt wel een andere invalshoek dan ze nu hanteren. De afgelopen tijd zagen we grote digitale merken print herontdekken en magazines beginnen publiceren. Het kan ook andersom: vertrekken vanuit de kracht van magazinemerken en hun sterke journalistiek als uitgangspunt nemen, zoals Condé Nast doet.

Bron: Digiday

Gerelateerde artikels:

Vogue cover februari 1977

Uncovered: regels zijn er om gebroken te worden

Wanneer je regels opstelt voor creativiteit, of dat nu in reclame is of voor een magazine-cover, dan is het wachten op de eerste die deze breekt. Wanneer iedereen in kleur adverteert, valt zwart-wit namelijk opeens wel op. Dat principe gaat ook op bij covers van modemagazines, zo liet de Britse Vogue in 1977 zien.

Weinig magazines zijn zo iconisch als Vogue (lees ook: Vogue, de nummer 1 in fashion magazines). Het in 1892 opgerichte merk is al jarenlang de nummer één onder de fashionmagazines en lijkt niet van plan die positie in de nabije toekomst af te staan aan welk medium dan ook.

De covers van modemagazines blinken over het algemeen niet uit door originaliteit, want er zijn bepaalde oeroude regels die zelden gebroken worden:

  • geen voedingswaren tonen (zeker niet iemand die eet!!)Vogue UK cover February 1977
  • gebruik geen groen (dat verkoopt niet)
  • altijd oogcontact maken.

Des te opvallender dat de art director van de Brits Vogue, Terry Jones, met deze cover van februari 1977 alle regels overboord gooit.

Vogue bracht indertijd tweemaal per jaar een kleurpromotie (een editie volledig in het teken van een bepaalde kleur) en groen was de kleur van februari 1977. De moderedacteur kwam met het idee om het fotomodel groene jelly te laten eten, maar de eerste foto’s bleken geen succes. Vervolgens kwam iemand op het idee om een close-up te maken met de 150 Hasselblad van de fotograaf.

In 1977 moest je uiteraard nog wachten op de afdrukken om het resultaat te zien, maar toen was voor de betrokkenen ook onmiddellijk duidelijk dat dit de cover moest worden. De opvallende foto is haast een abstract kunstwerk en knalt van het papier.

De Britse hoofdredacteur, Beatrix Miller, en de relatief nieuwe managing director van de Britse vestiging gingen akkoord met het gewaagde experiment. De cover werd niet ter goedkeuring voorgelegd aan de hoofdredacteur VS en Europa in New York.

Dat was gerekend buiten de Europese baas, Daniel Salem, die bij het ter perse gaan zag wat het Britse team bedacht had en moord en brand schreeuwde. Dit was geen Vogue cover! Deze cover was zo ver verwijderd van de gebruikelijke praktijken, dat weinigen zich er iets bij konden voorstellen.

Gelukkig konden de persen niet meer gestopt worden, want dit werd het snelst verkopende nummer van het jaar.

Bron: Uncovered

Meer inspiratie?

View on Time Out Market Lisboa

Inspirerende innovatie? Die vind je bij magazinemerken

Het mooiste aan magazines in deze tijd is dat ze bruisen van de creativiteit en bol staan van de innovatie. De focus ligt bij veel merken minder op het massabereik en meer op het engagement van hun publiek. En daarvoor trekken de uitgevers alles uit de kast! Ter inspiratie een greep uit recente, niet zo voor de hand liggende initiatieven uit de hele wereld.

Marie Claire Edit

Het Franse magazinemerk lanceerde in het Verenigd Koninkrijk onlangs een eigen retailwebsite. Marie Claire-lezers kunnen op deze ene plek bij een hele reeks retailers tegelijk shoppen en in een moeite door de trends van moderedacteuren volgen. Doel is om meer e-commerce en affiliate marketingmogelijkheden te creëren voor Marie Claire, maar de site biedt ook native advertising-formats aan. Marie Claire Edit werkt samen met grote Britse retailpartners als Selfridges en Topshop, maar ook met Gucci, Prada en zelfs Net-a-Porter. Meer info hier

Screenshot Marie Claire Edit

Vogue Business

Condé Nast heeft een interessante manier gevonden om de enorme autoriteit van Vogue op het gebied van mode te gelde te maken. Vogue Business is een online B2B-titel die zich op modeprofessionals richt. En waarom ook niet? Als je geloofwaardigheid zo groot is, is de stap van consumenten naar professionals logisch. Vogue Business is in eerste instantie als een nieuwsbrief in de markt gezet en wordt voorlopig gratis aangeboden. De bedoeling is om later in het jaar over te gaan naar betaalde content. Meer info hier

Good Housekeeping Wellness Lab

Het magazinemerk Good Housekeeping van uitgever Hearst is een instituut in de Amerikaanse en Britse samenleving als het gaat om het huishouden. Het bijbehorende Good Housekeeping Institute test al producten sinds 1924 en hun goedkeuring telt zwaar. Niet nieuw dus, behalve dat er nu een Wellness Lab gestart is. Hier kunnen producten getest worden die in de breedste zin met gezond leven te maken hebben. Zoals yogamatten, die ze naar gebruikers sturen om ze in het echte leven te testen. Meer info hier

Time Out Market, Garden & Gun Club, Muchies Food Hall

Steeds meer magazinemerken organiseren events. Dat kan variëren van de live versie van het magazine (zoals Libelle Winterfair en Goed Gevoel-dag) tot een eenmalige samenwerking met een adverteerder. De volgende stap is een langdurige aanwezigheid van magazinemerken in het straatbeeld, zoals de Time Out Market in Lissabon (sinds 2014) waarvan er dit jaar nog vijf op andere locaties geopend worden. Dit is het ultieme contactmoment tussen magazine en lezer, waar een dieper engagement ontstaat. Een ander voorbeeld is de Garden & Gun Club (april 2018), een extensie van het Garden & Gun magazine in Atlanta: “a premier cocktail and social establishment that brings the defining Southern lifestyle brand to life”. En deze maand opent Vice Media’s Munchies zijn eigen Munchies Food Hall, volgens de uitgever niet alleen een belangrijke nieuwe inkomstenstroom, maar ook een manier om het merk bredere zichtbaarheid te geven. Meer info hier

View on Time Out Market Lisboa

Testkeukens

Magazines die met recepten werken, moeten deze testen. Vandaar de testkeukens. Nieuw is dat ook deze vaker ingezet worden om inkomsten te genereren. Door ze te verhuren als event locaties en productlanceringen bijvoorbeeld. Door ze te gebruiken voor video-opnames van eigen how-to video’s, maar ook voor adverteerders. Zo lanceerde Taste of Home magazine in de eigen testkeuken in Milwaukee onlangs een eigen koffiemerk (Taste of Home Roast) dat rechtstreeks aan consumenten verkocht wordt. Bon Appétit produceert dan weer alle video content in zijn keuken in het One World Trade Center. Meer info hier

Live journalistiek (à la Pop-Up)

We schreven hier al eerder over Pop-Up Magazine dat al sinds 2009 bestaat uit live journalistieke optredens. In België en Nederland zagen we dit enige tijd geleden in beperkte vorm terug via Facebook Live (bv. Flair op het strand). Deze vorm van magazine maken lijkt nu echt aan te slaan en dat is niet zo verwonderlijk in onze ervaringseconomie. Inmiddels is er Live Magazine in Parijs, Diario Vivo in Spanje en Zetland Live in Denemarken. Wij zien een Knack Live en een Humo Live ook wel zitten. Meer info hier

Lees ook: 

Customer Journey - phases

Customer journey: merkvoorkeur is al bepaald voordat zoektocht begint!

De merkvoorkeur van consumenten ligt al vrijwel volledig vast, voordat ze beginnen zoeken naar een product om te kopen. Dat bewijst recent onderzoek uit de Verenigde Staten. Merken dienen in eerdere fases van het aankoopproces (‘pre-search’) zichtbaar te zijn, te informeren en te beïnvloeden om op de shortlist van de consument terecht te komen, blijkt uit de studie, anders zijn ze te laat. Marketeers maken hier onvoldoende gebruik van en laten daardoor veel kansen liggen, zo zeggen de onderzoekers.

Het onderzoek, uitgevoerd door Tapestry in opdracht van Condé Nast, spitste zich toe op aankoopprocessen in mode, beauty en technology. Voor alle drie sectoren geldt dat consumenten zich de meeste tijd bevinden in de invloedsfase die aan de daadwerkelijke zoektocht voorafgaat. Hierin vergaren ze informatie via alle mogelijke platformen, zoals video, social en print. Bij beautyproducten is dit 80% van de tijd, voor fashion en tech ligt dat iets lager, maar nog altijd tussen 65% en 70%.

Vertrouwde bronnen krijgen meer aandacht

In deze ‘pre-search’ fase zijn consumenten ontvankelijk voor nieuwe informatie en argumenten, waarbij de betrouwbaarheid van de bron zeer belangrijk is. 69% van de ondervraagden geeft aan meer aandacht te besteden aan advertenties in bekende en vertrouwde bronnen. 52% besteedt al zijn/haar tijd in deze fase aan de keuze tussen twee merken. Met name bij mode-aankopen blijkt dat 53% daadwerkelijk het merk koopt dat ze vooraf in gedachten hadden. Bij jonge kopers (13-17 jaar) loopt dit zelfs op tot tweederde.

Hier wordt de merkkeuze in de meeste gevallen dus al bepaald. Eens ze overgaan naar de zoekfase, geeft 79% aan nog slechts enkele merken voor aankoop te overwegen. Bij beauty-producten is goede informatie de belangrijkste aankoop-trigger, maar bij mode en tech-producten zijn advertenties zelfs nog belangrijker.

Meeste invloed bij start customer journey

Zoals uit eerdere onderzoeken al duidelijk naar voren kwam, is adverteren in vertrouwde, redactionele media (ongeacht het platform), effectiever dan Facebook en Google campagnes. Merken zoals Glamour, Vogue en GQ hebben drie keer meer invloed op consumentenbeslissingen. Ze worden door 92% van de ondervraagden vertrouwd als het gaat om mode-advies; Glamour en Allure worden vertrouwd als het gaat om cosmetica. Consumenten hebben ook een positiever beeld van merken die in deze magazines adverteren vergeleken met Google en Facebook (index 301).

Voor tech-producten blijkt magazinemerk Wired 63% beter in het aanzetten tot aankoop dan Facebook. En ook bij beauty en mode blijken de sterke magazinemerken een aanzienlijk sterkere invloed op aankoopbeslissingen te hebben dan Facebook en Google.

Het onderzoeksbureau Tapestry verklaart: “ Voor de meeste consumenten is een aankoopbeslissing het bewijs dat je het vanaf het begin al bij het juiste eind had.” Merken hebben dus de meeste invloed voordat de customer journey start of helemaal aan het begin, wanneer er nog weinig informatie is ingewonnen.

De studie is uitgevoerd in het voorjaar 2018 in de Verenigde Staten onder 4.500 consumenten tussen 18 en 64 jaar.

Bron: Mediapost, FIPP

Meer over dit onderwerp:

Vogue

Vogue, de nummer 1 in fashion magazines

Vogue wordt vaak Vogue September Issuevereenzelvigd met Anna Wintour en dat is niet onterecht. De hoofdredactrice heeft al 28 jaar de leiding over de Amerikaanse editie en maakte het blad tot belangrijkste modemagazine wereldwijd. Tijd voor een nadere kennismaking.

Het is weinig magazines gegeven om een Hollywood-blockbuster aan hen gewijd te zien. Vogue kreeg het voor elkaar, met dank aan Anna Wintour. Het hoofdpersonage uit The Devil Wears Prada is helemaal op de charismatische hoofdredactrice van de Amerikaanse editie gebaseerd.

Het geeft aan dat Vogue meer is dan een blad. Het werd opgericht in 1892 (!) in de States en begon onder de vleugels van Condé Nast aan een veroveringstocht in Europa. Mode was van bij de start de pijler van het blad. In de jaren ’60 en ‘70, met Wintours voorgangsters Diana Vreeland en Grace Mirabella aan het hoofd, kreeg Vogue zijn specifieke ‘touch’, door zich meer te richten op de hedendaagse mode en door openheid over seksualiteit.

De sterrenstatus dankt het magazine echter volledig aan Anna Wintour. Ze werd hoofdredactrice in ’88 (meer dan een kwarteeuw geleden dus!) en zorgde ervoor dat Vogue wereldwijd de onbetwiste nummer 1 onder de modebladen werd. Het heeft het niet enkel over modetrends, het maakt ze.

Het leidde er ook toe dat Vogue nog steeds zijn reclame-omzet ziet stijgen. ‘The September issue’ (de meest belangrijke van het jaar) telt jaar na jaar meer pagina’s en weegt intussen ettelijke kilo’s. Bovendien zijn de advertenties sterk geliefd door de lezers, in zoverre dat de appreciatie van magazine-ads ondertussen bekendstaat als ‘the Vogue-effect’.

Op dit moment telt Vogue 18 edities van het basisblad, maar ook brand extensions als Vogue Living en Teen Vogue. Vogue bestaat ook in het Nederlands sinds 2012.

De verbreding van het merk komt verder van heel wat digitale activiteiten. Vogue is er keer op keer bij de eersten om nieuwe technologieën in te zetten. Zo lanceerde het een iPhone app die de content van het magazine aanpast aan een kleiner scherm. Ook de websites zijn tegenwoordig ‘mobile first’. Op organisatorisch vlak probeert het merk in steeds meer landen een redactie op te zetten die voor alle platformen van het merk werkt (iets wat in de krantenwereld gemeengoed is, maar binnen de magazinewereld nog een uitzondering).

Maar ook op ‘analoog’ vlak zijn de line extensions talloos. De mooiste realisatie op dit vak is allicht de mode-opleiding die het merk startte in Londen en die leidt tot het ‘Vogue Fashion Foundation Diploma’. Al is een eigen café (sinds 2003 in Moskou) natuurlijk ook niet mis…

Campagne Apple Watch: rotsvast vertrouwen in kracht van magazines

De promotie van de langverwachte Apple Watch is gestart met een magazinecampagne. Een twaalf pagina’s tellende advertentie in het maartnummer van de Amerikaanse Vogue* is volgens Apple de beste manier om zijn eerste ‘wearable’ als mode-accessoire in de markt te zetten.

Apple neemt uitgebreid de ruimte om de drie versies van het horloge in vol ornaat, in kleur en op glanzend papier te tonen en dat in een omgeving van haute couture. Daarmee gunnen ze de lezers alle rust om zich te verdiepen in de specificaties en zich een idee te vormen van dit nieuwe ‘fashion statement’. Op deze manier hopen de marketinggoeroes van Apple weg te blijven van het ‘nerd’-achtige, technisch gadgetimago dat voorlopers, zoals Google Glass, kregen.

Het is duidelijk dat Steve Jobs zijn liefde voor magazinemerken (zie Magazine Media Update 1) binnen het bedrijf heeft overgedragen. Zijn beroemde uitspraak ‘you take care of the back covers, I’ll take care of the front covers’ is nog steeds van toepassing want de afgelopen tijd verschenen in Vogue en andere grote magazinemerken (o.a The New Yorker) achtergrondverhalen over het bedrijf en de Apple Watch.

Bron: http://recode.net/2015/02/25/apple-watch-gets-its-own-12-page-ad-spread-in-vogue/

*ratecard 1/1 pagina fc: US$189.888